Vereenvouding criteria grootte van ondernemingen gewijzigd: wat is er veranderd sinds 1 januari 2016?

WinBooks en ComptAccout houden U op de hoogte

De Europese Commissie is altijd van mening geweest dat men de boekhoudkundige verplichtingen van kleine ondernemingen moet vereenvoudigen. Wat is het nut van het houden van een complete boekhouding en het publiceren van een jaarrekening wanneer men slechts een heel kleine onderneming is en een activiteit uitoefent binnen een onderneming in plaats van als natuurlijke persoon om traditioneel fiscale motieven?

De Europese Commissie is altijd van mening geweest dat men de boekhoudkundige verplichtingen van kleine ondernemingen moet vereenvoudigen. Wat is het nut van het houden van een complete boekhouding en het publiceren van een jaarrekening wanneer men slechts een heel kleine onderneming is en een activiteit uitoefent binnen een onderneming in plaats van als natuurlijke persoon om traditioneel fiscale motieven?

In die interpretatie noopt de vraag tot een ontkennend antwoord.

Maar zoals we altijd al hebben verdedigd is een complete boekhouding bijhouden en jaarrekeningen publiceren ook een groot voordeel om te beschikken over een stand van zaken en de situatie desgevallend niet te laten verslechteren door een gebrek aan informatie.

België heeft zich dus lang verzet tegen de ideeën van de Europese Commissie om een groot aantal zogenaamde micro-ondernemingen die overigens volgens de Commissie weinig belang hebben voor de financiële wereld te bevrijden van de verplichting tot publicatie van jaarrekeningen.

Een fatale fout, want hoe bekomt men een bankkrediet zonder een complete en betrouwbare boekhoudkundige situatie of hoe moet men een belastingaangifte in de vennootschapsbelastingen indienen?

Dat neemt niet weg dat de Europese Commissie de zaken in haar richting heeft geduwd wat resulteerde in Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, en die onze visie op de wereld van ondernemingen in België grondig zal wijzigen.

Deze richtlijn is voorwerp geweest van een omzetting in Belgisch recht door de wet van 18.12.2015 en het kb van diezelfde dag die beide gepubliceerd werden in het Staatsblad van 30.12.2015 (Uitgave 1).

Wat is er dan veranderd sinds 1 januari 2016?

1.  De criteria om over te gaan van KMO naar een middelgrote of grote onderneming veranderen

Artikel 15 wetboek van vennootschappen voerde twee types van ondernemingen in. Diegene die  niet meer aan een van de volgende criteria voldeden waren KMO's:
- gemiddeld aantal actieve werknemers per jaar; 50;
- jaaromzet, zonder BTW: 7.300.000 euro
- balanstotaal: 3 650 000 euro: 3 650 000 euro

Die vennootschappen konden hun jaarrekening indienen bij de NBB volgens het verkort schema en genoten van een reeks fiscale voordelen.

Sinds 01.01.2016 zijn de drempels verhoogd:


- gemiddeld aantal actieve werknemers per jaar; 50;
- jaaromzet, zonder BTW: 9.500.000 euro
- balanstotaal: 3 650 000 euro: 4.500.000 euro

Dat betekent dat ondernemingen die beschouwd werden als grote ondernemingen kleine ondernemingen worden en hun jaarrekening volgens het verkort schema kunnen indienen, maar ook aanspraak kunnen maken op de voordelen die voor die ondernemingen zijn voorbehouden aangezien het wetboek van inkomstenbelastingen geregeld verwijst naar artikel 15 wetboek van vennootschappen om de vennootschappen aan te duiden die al dan niet van bepaalde niet onaanzienlijke voordelen kunnen genieten.

2.  Er verschijnt een nieuwe categorie van ondernemingen: de micro-ondernemingen

De wet van 18.12.2015 creëert een nieuw artikel 15/1 in het wetboek van vennootschappen. Het viseert de ondernemingen die niet meer beantwoorden aan een van de volgende criteria:

- gemiddeld aantal actieve werknemers per jaar; 10;
- jaaromzet, zonder BTW: 700.000 euro
- balanstotaal: 3 650 000 euro: 350.000 euro

Volgens de ontvangen informatie gold dit voor bijna 83 % van de Belgische ondernemingen!
In dat stadium is er geen enkel nieuw fiscaal voordeel verbonden met deze nieuwe ondernemingsomvang. Aangezien het WIB 92 altijd verwees naar artikel 15 wetboek van vennootschappen, bleef de invoering van artikel 15/1 zonder gevolg, behalve dat het onze bewindvoerders die altijd krap bij kas zitten op ideeën bracht.

Wat zijn dan de voordelen van te behoren tot die nieuwe categorie?

De micro-ondernemingen zoals bedoeld in artikel 15/1 hebben de mogelijkheid om hun jaarrekening volgens een door de koning bepaald microschema vast te leggen (art. 93/1 van de wet van 18.12.2015).
We zien nauwelijks verschil met de huidige situatie. Alle boekhoudprogramma's laten toe om een balans op te maken waarmee men het formulier op Sofista invul, en het microschema zal daaraan niks veranderen.
Wat de bijlagen betreft, zal de vereenvoudiging micro-ondernemingen wel toelaten om zich te beperken tot informatie die betrekking heeft op de waarderingsregels, de staat van onroerende activa en rechten en verbintenissen buiten balans, bezoldigingen van leden van bestuur van de onderneming en eigen aandelen.
Volgens onze ervaring was dat in de praktijk al het geval en brengt het feit dat men de waarderingsregels niet aanvult geen weigering mee van indiening van de jaarrekening bij de NBB.
Voor alle ondernemingen zijn de buitengewone resultaten echter verdwenen en voortaan zullen die resultaten dus gekwalificeerd moeten worden naar gelang hun aard als exploitatieresultaten of financiële resultaten.
Bovendien besliste de regering dat voor alle ondernemingen de samenstelling van een sociale balans voortaan zal worden verplicht door artikel 100 wetboek van vennootschappen middels een apart document. De in §§ 1 en 2 artikel 82 kb wetb venn. aangebrachte wijziging leidt dus tot de afschaffing van de verwijzing naar deze sociale balans als element van de bijlage bij de jaarrekening.

Wat moeten we hieruit afleiden:

-  dat er meer KMO's zullen zijn in boekhoudkundige en fiscale zin;
-  dat micro-ondernemingen weinig praktisch nut hebben voor boekhouders en geen bijkomend fiscaal voordeel opleveren;
-  dat men de nieuwe materie moet analyseren en boekhoudprogramma's moet aanpassen.
Hiervoor waren 49 nieuwe artikelen in het wetboek van vennootschappen en 60 in de uitvoeringsbesluiten nodig .

Meer nieuws: www.winbooks.be en www.comptaccount.be

Auteur: Comptaccount, Groep Larcier, partner van WinBooks, Januari 2016.