Getest door dVO : Ford Kuga 1.5 Ecoboost ST Line

Doe toch maar de 1.5 TDCi …

Het SUV-segment “boomt” en dat zullen we geweten hebben. Steeds meer constructeurs willen hun graantje meepikken in het segment van de “would be”-terreinwagens, die wel hoog op hun wielen staan, maar de echte terreinkwaliteiten van de rasechte terreinkoningen ontberen. Sterker nog, de meeste SUV’s worden verkocht zonder integrale aandrijving. Onze testversie van de Ford Kuga vormde geen uitzondering op die regel, want de 1.5 Ecoboost kwam in 4x2-configuratie aan de start van de Fleet Flits-test, die vooral uittestte of de benzinekrachtbron een partij was voor de nieuwe 1.5 dieselaar van Ford.

Ze lopen dik, de fabrikanten die dezer dagen met een SUV-model uitpakken. Renault heeft de Kadjar, die de wat amechtig ogende Koleos moet doen vergeten, in afwachting van de komst van een nieuwe en spannendere Koleos. Volkswagen presenteert een nieuwe versie van de Tiguan, die het meteen ook maar commercialiseert als Seat Ateca en Skoda Kodiaq, twee modellen die echter dankzij hun eigen lijnenspel en afmetingen veel meer zijn dan zomaar een doorslagje van de Tiguan. Allemaal zijn ze gecharmeerd geraakt door het succesverhaal dat Nissan in dit segment schrijft met de Qashqai, terwijl ook Hyundai met de Tucson en Kia met de Sportage met aardig wat bijval dit segment verkenden.

Achtergrond

Door deze grote toevloed aan nieuwigheden zou je haast vergeten dat de merken die al langer in het SUV-segment aanwezig waren, alle zeilen moeten bijzetten om niet onder de voet gelopen te worden door die orde nieuwkomers. Ford is immers al sinds 2008 een vaste SUV-waarde met de Kuga.

De SUV stond van bij zijn creatie te boek als een soort “light versie” van de echte zware 4x4’s, die na de komst van de SUV’s als het ware naar de ongebaande paden werden verbannen. Toch hadden SUV’s in hun beginjaren nog altijd een behoorlijk zware motor in het vooronder, om het toch nog altijd aanzienlijke gewicht van zo een “lichte” terreinwagen voort te branden.

De opkomst van compactere en lichtere motoren - ook al onder druk van de wedloop naar een steeds lagere CO2-uitstoot - in combinatie met enkel tweewielaandrijving zorgt er meteen ook voor dat de SUV steeds meer in de smaak valt van professionele rijders. En aangezien SUV’s steeds meer ingeburgerd raken in de “car policy” van veel bedrijven, wordt het potentieel voor deze auto’s alleen maar aantrekkelijker voor de constructeurs.

Bij Ford maakt men zich sterk dat de vraag naar SUV’s tegen 2020 nog met 27% zal toenemen, omdat de SUV steeds meer terrein wint op de monovolume en de klassieke break-modellen. Vandaar dat ze bij het merk met het blauwe ovaal vonden dat hun Kuga aan een serieuze make-over toe was. Bovendien versterkte Ford zijn falanx ook in de flanken, want de Kuga heeft inmiddels het gezelschap gekregen van de kleinere EcoSport en de grotere Edge. Kwestie van op alle mogelijke doelen te kunnen mikken.

De nieuwe Kuga onderscheidt zich uiterlijk van zijn voorganger door een groot zeshoekig radiatorrooster, dat hem meteen van zijn wat brave uiterlijk verlost. De nieuwe Kuga ziet er dankzij zijn nieuwe snoet immers een stuk stoerder uit.

Rijgedrag

Op motorisch vlak biedt Ford drie diesels en drie benzinemotoren aan. De kleinste diesel puurt zijn vermogen van 120 pk uit een 1.5 TDCi krachtbron, terwijl de twee andere dieselaars respectievelijk 150 en 180 pk produceren en dat met een cilinderinhoud van twee liter. De benzinemotoren zijn alle drie gebaseerd op de 1.5 EcoBoost motor en leveren respectievelijk 120, 150 en 182 pk. Wij kozen voor de test op ons Fleet Flits-testparcours voor de middelste van de drie benzinekrachtbronnen, maar kregen eveneens de kans om de 1.5 TDCi aan de tand te voelen (zie verder). Fleet Flits kiest er vanaf nu immers voor om, indien mogelijk, zowel een benzine- als dieselvariant te testen. De fleet-markt bevindt zich immers in volle evolutie, waarbij de benzinemotor steeds vaker de voorkeur krijgt op zijn dieselbroer.

Ford biedt naast de gebruikelijke uitrustingsniveaus voortaan eveneens een ST Line-uitvoering en een Vignale. Deze laatste is het super-de-luxe model, dat naast een meer voorname afwerking ook recht biedt op een wat meer uitgelezen service dan de andere modellen. De ST Line van zijn kant mikt dan weer meer op de sportievelingen. Hij staat dan ook op een 10 mm lager onderstel.

Ford zorgde enkele jaren geleden met de introductie van zijn EcoBoost motoren voor een ware revolutie in motorenland. De volledig uit aluminium vervaardigde benzinemotoren van Ford-makelij zijn rechtstreeks ingespoten, hebben dubbele variabele timing en een in het uitlaatspruitstuk geïntegreerde turbo. Het resultaat van dat technologisch opbod is dat Ford met kleinere motoren minstens even goede prestaties kan neerzetten dan wat vroeger met grotere motoren haalbaar was. De eerste EcoBoost motor had een cilinderinhoud van één liter, waar Ford 100 of zelfs 125 pk wist uit te peuteren. En de 1.5 EcoBoost uit ons testvoertuig kreeg net dezelfde brandstofbesparende technieken mee als die onvolprezen 1.0 krachtbron. Met alle gevolgen vandien uiteraard, want de lichtere motoren EcoBoost motoren staan niet alleen voor stevige prestaties, maar ook voor een lager verbruik en dus ook een lagere CO2-uitstoot.

Bovendien rijdt de 150 pk versie van de 1.5 EcoBoost gewoon prettig. Het is geen supersprinter, maar bij een ontspannen rijstijl vormt hij een ideale gezel voor heel wat kilometers rijplezier. Zijn enige minpuntje is dat het hogere gewicht van de Kuga een beetje in zijn nadeel begint te spelen, zodra de weg iets heuvelachtiger wordt. Het resultaat was dat de Kuga op de steile hellingen van ons testparcours tot intensief schakelwerk noopte en pijnlijk duidelijk werd dat de motor in zware omstandigheden onder 1.400 t/m nauwelijks nog trekkend vermogen over houdt.

Veiligheid

De Ford Kuga krijgt standaard een behoorlijk veiligheidsarsenaal mee. Zo beschikt hij zonder meerprijs over ABS, EBD, ESP, Hill Start Assist en een stabiliteitsfunctie voor aanhangwagens. Verder heeft hij een noodremwaarschuwing, een hele resem airbags, een cruise control met snelheidsbegrenzer en bandendruksensoren.

In de ST Line uitvoering wordt dat standaard veiligheidspakket nog uitgebreid met automatische koplampen met Home Safe-functie, dodehoekdetectie, Cross Traffic Alert, voorruitontdooiing, automatische ruitenwissers met regensensor en een automatisch dimmende binnenspiegel.

Tegen meerprijs zijn ook nog een Lane Keeping System, Active City Stop (een veiligheidssysteem bij lage snelheid (vanaf modeljaar 2017 vanaf 50 in plaats van 30 km/u) dat gevaar herkent, de bestuurder waarschuwt en de remmen op scherp zet, zonder evenwel zelfstandig te remmen) en adaptieve cruise control met snelheidsbegrenzer.

Verder krijgt de Kuga in zijn ST Line uitvoering standaard ook nog Active Park Assist mee. Dit is een semi-automatisch parkeerhulpsysteem voor zowel haaks als parallel parkeren, inclusief parkeersensoren voor- en achter, dat onaangename schadegevallen bij het parkeren kan voorkomen.

Comfort

Niettegenstaande Ford ook het interieur van de Kuga een opfrissing meegaf, wat vooral resulteerde in een betere materiaalkeuze en een duidelijk zichtbare betere afwerking, moet de Kuga het binnenin toch vooral hebben van zijn Sync 3 multimediasysteem, dat vanaf het tweede uitrustingsniveau (Business Edition) de middenconsole van de Kuga beheerst. Sync 3 werd door Ford in eigen huis ontwikkeld en dat merkt men aan het intuïtievere karakter van de menu’s en de vlottere reactie op de commando’s.

Sync 3 ondersteunt voortaan Apple CarPlay en Android Auto en vormt daardoor een uitbreiding van je smartphone. Het is met andere woorden mogelijk om de smartphone vanaf het aanraakscherm te bedienen. Sync 3 heeft trouwens nog meer in zijn mars, aangezien het systeem ook instaat voor de spraakbediening, die ook in het Nederlands of het Frans mogelijk is. Kortom, met Sync 3 heeft Ford het juk van Microsoft van zich afgegooid en in eigen beheer een prima functionerend systeem gebouwd dat zijn wagens een absolute meerwaarde verschaft.

Functionaliteit

Het zit best snor met de binnenruimte en dat zowel voor- als achteraan. De kofferruimte is met 456 liter behoorlijk, maar ligt toch onder bij bijvoorbeeld de koffer van de Tiguan. Door de achterbank neer te klappen, loopt de bagageruimte op tot 1.603 liter. Bij het neerklappen van de achterzetels knikt de zit van de zetel overigens naar beneden, zodat een vlakkere laadvloer ontstaat. De kofferbodem kan trouwens in twee hoogtes versteld worden.

Ford voorziet in zijn Kuga tegen meerprijs ook in een automatisch openende achterklep, die geopend kan worden dankzij een voetbeweging onder de achterbumper.

TCO

De Ford Kuga 1.5 EcoBoost met 150 pk is niet meteen de meest fleet-vriendelijke versie. Daarvoor is zijn CO2-uitstoot met 145 g/km gewoon te hoog. Hij komt er immers zowel bij de berekening van het voordeel van alle aard als bij de bepaling van zijn fiscale aftrekbaarheid (75%) bekaaid vanaf. De 150 pk sterke benzinemotor toont zich ondanks een stop/start-systeem op ons veeleisend testparcours met een gemiddeld verbruik van 9,32 liter ook behoorlijk dorstig, wat hem op TCO-vlak eveneens duur te staan komt.

Uiteraard kan je nog altijd kiezen voor de 120 pk versie van deze benzinemotor, maar hoedanook komt de benzinemotor als een minder goede keuze uit de vergelijking naar voren. De 1.5 TDCi, die overigens niet in 4x4-uitvoering verkrijgbaar is, is dan ook een veel betere keuze voor professioneel gebruik.

En wat met de diesel?

Die 1.5 TDCi vormt vanuit fiscaal standpunt ongetwijfeld de beste keuze. Met een CO2-uitstoot van 115 pk biedt hij een fiscale aftrekbaarheid van 80%. Hij doet het daarmee aanzienlijk beter dan de 2.0 TDCi’s, die uitkomen op respectievelijk 122 g/km (150 pk) en 135 g/km (180 pk). Bovendien beschikt hij ook nog eens over een overboost-functie, die ervoor zorgt dat je, wanneer je plankgas geeft, kortstondig over 300 in plaats van de gebruikelijke 270 Nm trekkracht beschikt.

De 1.5 TDCi toont zich ook fors zuiniger dan zijn benzinetegenhanger met 150 pk, al bleef hij met een gemiddeld verbruik van 6,3 l/100 km toch fors boven de theoretische verbruikswaarden waar Ford mee schermt. Het geteste gemiddelde verbruikscijfer mag echter absoluut niet vergeleken worden met het testverbruik van de Kuga 1.5 EcoBoost, want dat kwam tot stand op het veel meer veeleisende Fleet Flits-parcours, terwijl de 1.5 TDCi zichzelf kon bewijzen tijdens een weekje normaal autogebruik op overwegend vlakke Vlaamse wegen.

Fleet Flits-conclusie

Ford doet verwoede pogingen om zijn Kuga wat meer munitie te geven in zijn moeilijke strijd met de concurrenten van andere merken in het SUV-segment. Het nieuwe en fel verbeterde Sync 3-systeem vormt een absoluut pluspunt, terwijl ook de betere materiaalkeuze en het hogere afwerkingsniveau hem zeker extra troeven in de handen stoppen. De meest aangewezen fleet-variant, de 1.5 TDCi met 120 pk, heeft een aftrekbaarheid van 80%, want voor een SUV zeker niet onaardig is. Dat hij echter enkel in een 4x2-versie verkrijgbaar is, zullen sommigen een minpunt vinden.

De 1.5 EcoBoost neemt de sterke punten van zijn kleinere 1.0 EcoBoost broer uit onder meer de Focus over, maar blijft toch steken op een behoorlijk hoog gemiddeld verbruik (9,32 l/100 km), heeft een CO2-uitstoot van 145 g/km en krijgt het op zwaar terrein moeilijk om zijn vinnigheid te bewaren. Voor wie toch redelijk wat kilometers aflegt, blijft de dieselversie dan ook de beste keuze en zelfs wie niet zo een kilometervreter is, zal waarschijnlijk ook liever voor de 1.5 TDCi kiezen. Die biedt immers pittigere rijprestaties en toont zich aanzienlijk budgetvriendelijker aan de pomp.