Flanders Make en Sirris bouwen nieuwe onderzoeksinfrastructuur in Leuven

Acceleratieprogramma voor maakindustrie in het vooruitzicht

In het Arenberg Wetenschapspark te Leuven legden Strategisch Onderzoekscentrum (SOC) Flanders Make en Sirris, het collectief centrum van de Belgische technologische industrie, de eerste steen van een nieuw onderzoekscentrum. Dat wordt opgetrokken door Van Roey Vastgoed (Rijkevorsel), dat 10 miljoen euro in het geheel investeert. Vanaf september 2018 zullen Flanders Make, Sirris en KULeuven het geheel voor twintig jaar in huur nemen. De nieuwe vestiging staat tegelijk voor een centralisatie en uitbreiding van de activiteiten. Zo zal het Sirris Leuven-Gent Composites Application Lab (SLC-Lab), momenteel gevestigd in de nabijgelegen Celestijnenlaan, er zijn intrek in nemen en zal de nieuwe accommodatie ook fungeren als applicatie- en living lab met betrekking tot machine-automatisering en robotisatie (lees: digitale productiesystemen, nvdr.). Flanders Make brengt al zijn activiteiten in Leuven onder in dit nieuwe gebouw. De focus ligt op onderzoek en infrastructuur met het oog op de ondersteuning van onderzoek en innovatie in de machine- en mechatronicasector.

De nieuwe infrastructuur, die voor het BREEAM-certificaat gaat, zal 6.400 m² intelligente kantoorvloer beslaan, waarvan de helft voor laboruimte wordt gereserveerd. Tegen 2025 zullen er tweehonderd onderzoekers en adviseurs aan het werk zijn.

In concreto zal het gebouw verschillende labo’s omvatten, zoals een labo voor het testen van digitale en geautomatiseerde machines (monitoring en controle van machines op basis van Big Data, ontwikkeling en testen van innovatieve, high-power machine-aandrijftreinen en ontwikkeling en testen van geautomatiseerde en geëlektrificeerde off-highway voertuigen), een labo voor het testen van digitale en geautomatiseerde productiecellen, inclusief inspectie, nabewerking en kwaliteitsinpectie (voor slimme, materiaal-omvormende productietechnologieën en voor innovatieve, additieve productie), een Application Lab voor ontwerp en productie van composieten voor lichtgewicht-toepassingen (het voormelde SLC-Lab), een testomgeving voor productie- en organisatie-management, labo’s voor elektronica en de aanmaak van mechatronische prototypes en slimme producten en, ten slotte, een co-creatie/co-design omgeving die de samenwerking met en kennisoverdracht naar bedrijven moet ondersteunen.

Meer middelen voor Flanders Make

De nieuwe investering haakt in op de vierde industriële revolutie, waar slimme digitalisering, automatisering en robotisering de toon zetten. Om het behoud van de maakindustrie in Vlaanderen te verankeren werd in mei 2014 het Strategisch Onderzoekscentrum Flanders Make boven de doopvont gehouden. Daarin bundelden Flanders’ Drive, Flanders Mechatronics Technical Centre (FMTC) en universitaire onderzoekscentra hun krachten.

Industrie 4.0 zal bepaalde jobs vernietigen maar gelijktijdig ook nieuwe arbeidsplaatsen scheppen. “Een grotere efficiëntie en meer automatisering zullen inderdaad tot jobverlies leiden, maar de digitalisering, die meer maatwerk mogelijk maakt, zal nieuwe banen scheppen”, weet Urbain Vandeurzen, voorzitter Flanders Make. De Vlaamse overheid investeert 400 miljoen euro in initiatieven die bedrijven ondersteunen om zich klaar te stomen voor Industrie 4.0.

Vandeurzen stelt voor het Strategisch Onderzoekscentrum een acceleratieprogramma in het vooruitzicht. Bij zijn opstart kreeg Flanders Make voor een tijdsspanne van drie jaar 18 miljoen euro recurrent en 15 miljoen eenmalig toegestopt. Voor de nieuwe beheersperiode voorziet Vlaanderen in een recurrente jaarlijkse betoelaging van 40 miljoen euro over een termijn van vijf jaar. Met bovenop de steun van de Europese Unie en de inbreng van het partnernetwerk, rekent de Flanders Make-voorzitter op een verdubbeling van dat bedrag.

“Een groot R&D-programma vergt topinfrastructuur. Samen met Sirris en KULeuven zullen we in Leuven, samen met de industrie, een eco-systeem uitbouwen rond strategisch en toegepast onderzoek en implementatie”, zo nog Van Deurzen.

Sirris zelf ontstond overigens in 1968 uit het departement Werktuigbouwkunde van KULeuven. “Onze opdracht bestaat erin ondernemingen te begeleiden bij de praktische implementatie van innovatie,” beklemtoont René Branders, voorzitter van Sirris. “Dat doen we via high-end expertise, een high-end infrastructuur en een netwerk van hoogwaardige partners,” zo luidt het.

Per jaar tekent de organisatie op nationaal niveau inmiddels voor 3.000 interventies ten gunste van 1.500 bedrijven waarvan nagenoeg twee derden KMO’s. Leuven is de grootste van de acht Sirris-sites. Daarnaast heeft het collectief centrum vestigingen in Antwerpen, Brussel, Charleroi, Diepenbeek, Gent, Kortrijk en Luik. Elk van die centra ontplooit specifieke competenties. Gemene deler evenwel is dat ze alle inzetten op multidisciplinaire vaardigheden, betaalbare technologie en korte doorlooptijden tussen concept en vermarkting.

Band tussen Flanders Make en Sirris steeds hechter

Inmiddels wordt de band tussen Flanders Make en Sirris steeds hechter. In Lommel bouwt Flanders Make, naast een aantal vervangingsinvesteringen, een nieuwe Living Lab-infrastructuur rond “autonomous driving”.

Grote aandacht gaat momenteel ook uit naar de uitbouw van een derde site in West-Vlaanderen, met focus op de productie in het algemeen en flexibele assemblage in het bijzonder. Er zullen ook activiteiten van Sirris in Kortrijk worden ondergebracht die twee jaar terug onder impuls van de West-Vlaamse machinebouwers en de POM West-Vlaanderen binnen hetzelfde thema werden gelanceerd. Dit maakt deel uit van het strategisch plan van Flanders Make om werk te maken van de ontwikkeling van een “Productie”-competentiecentrum, dat zich zal toespitsen op de uitbouw van geïntegreerde digitale fabrieken en robotisering. Aan het hele project kleeft een prijskaartje van 15 miljoen euro.

In Limburg plant Sirris de overheveling van zijn activiteiten van Diepenbeek, waar de organisaties op twee sites actief is, naar de Thor-site in Genk waar men, naar analogie met de Corda Campus die rond IT actief is, een smart manufacturing campus wil ontwikkelen met de steun van LRM en in samenwerking met Flanders Make. In Diepenbeek is Sirris vooralsnog actief rond precision manufacturing, smart & digital factory en coatings. Rond medio 2018 moet duidelijkheid ontstaan rond de verhuizing van de Sirris-activiteiten van Diepenbeek naar Genk. Valt die beslissing positief uit, kan de verhuizing rond eind 2019 worden verwacht.

Op de Thor-site zouden Flanders Make en Sirris daarenboven samen ook een 3D-printing demofaciliteit willen huisvesten, die als pilootfabriek voor additive manufacturing zou fungeren.