Training-on-the-job: ook als het minder vanzelfsprekend lijkt

De European skills week liep van 5 tot 9 november. Gedurende een volle week werd door heel Europa aandacht besteed aan de meerwaarde van opleidingen en training-on-the-job. Want knelpunten op de arbeidsmarkt is natuurlijk geen unicum in Vlaanderen. In even zoveel andere landen is er nood aan oplossingen voor moeilijk in te vullen vacatures. Een goede combinatie van werken en leren zorgt er voor dat mensen met meer goesting aan de slag gaan.

Werkgevers krijgen soms mensen over de vloer die goed zouden passen in het bedrijf, maar nood hebben aan een langere inloopperiode om een beroep aan te leren. In Vlaanderen kunnen ze dan een beroep doen op een IBO om de nieuwe werknemer zelf te vormen en het beroep te leren. Ook in andere Europese landen bestaan systemen waarin mensen meelopen in een bedrijf om een job te leren. Sommige landen gaan zelfs zo ver dat ze dit soort zeer gerichte trainingen verplichten voor mensen die een bepaalde kwalificatie of diploma willen behalen.

Zelfs voor genieën

Zelfs Leonardo da Vinci, de artiest, wiskundige en uitvinder, ging in het begin van zijn loopbaan op zoek naar een leermeester die hem een job kon leren en de mogelijkheden bood om uit te groeien tot de vermaarde artiest, zoals wij hem kennen. Het jonge wonderkind zocht zelfs twee verschillende meesters, die hem de kans boden om zich te ontwikkelen. Dat hij de vaardigheden uit zijn training-on-the-job optimaal wist te benutten, zien we in “De Mona Lisa”.

Iedereen wint

Elke vorm van werkplekleren levert ontegensprekelijk een win/win-situatie op voor alle partijen die er aan deelnemen. In de eerste plaats krijgt de werkzoekende die in het project stapt, een uitgelezen kans om nieuwe vaardigheden en praktijk aan elkaar te koppelen. Bedrijven kunnen door mensen een kans te bieden om werken en leren te combineren, op zoek gaan naar mensen die echt passen in het bedrijf en knelpunten op korte, maar zelfs op langere termijn, gaan oplossen. IBO is een knappe en haalbare formule om werknemers op korte tijd te integreren in je bedrijf.

Dat zegt ook Patrick Meeuwissen van SenSo: “Onlangs waren we op zoek naar enkele nieuwe medewerkers. Eén van de mensen die we uiteindelijk in dienst hebben genomen, kwam uit de verzekeringswereld, een andere uit de farmaceutische sector. Die sollicitanten sprongen eruit dankzij hun commerciële skills en volwassenheid. Maar IT-kennis? Die hadden ze niet. Dat fiksten we door hen samen met de VDAB een individuele beroepsopleiding of IBO aan te bieden, die hen alle technische kennis leerde die ze nodig hadden voor de functie. Problem solved!”.

Inspanning loont

Volgens een Europees onderzoek naar de verschillende vormen van werkplekleren, is de garantie op succes groter als bedrijven werken met vooraf duidelijk uitgewerkte opleidingsprogramma’s en netjes op een rijtje zetten welke kennis en vaardigheden mensen moeten hebben aan het einde van hun on-the-job-training.  Dat vraagt, soms behoorlijk grote inspanningen. Vooral voor KMO’s waar de impact van een on-the-job-training groter is, door het minder aantal beschikbare personeelsleden. Omdat Patrick Meeuwissen zo veel goede ervaringen heeft met IBO en andere opleidingen on-the-job bij SenSo, wil hij gemotiveerde kandidaten altijd een kans geven. Zelfs als dat minder vanzelfsprekend lijkt

(Bovenstaande bijdrage kwam tot stand in samenwerking met VDAB)

Meer info: http://www.vdab.be.