Vlaamse tewerkstelling steeds afhankelijker van waterbeschikbaarheid

De directe tewerkstelling in de waterintensieve sectoren (de vijftien meest water gebruikende sectoren in Belgiƫ) bedraagt 22,3%. Zo blijkt uit de nieuwe studie naar het sociaal-economisch belang van water van het Vlaams Kenniscentrum Water (Vlakwa/VITO). In de analyse van de eerste studie in 2013 bedroeg dat percentage nog 16,7%.

Eén op vijf Vlamingen is aan de slag in een waterintensieve sector. Het aandeel van de waterintensieve sectoren in de bruto toegevoegde waarde van de Vlaamse economie bedraagt 33% of 73 miljard euro (2016).

De waterintensieve sectoren situeren zich in belangrijke mate binnen de maakindustrie waaraan tevens een belangrijke indirecte tewerkstelling is gekoppeld. Een gegarandeerde waterbevoorrading en -beschikbaarheid tegen een internationaal competitieve prijs zijn derhalve van cruciaal belang.

Afgezet tegen de indicator “Niveau van Waterstress” die de Verenigde Naties gebruikt bij de opvolging van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen, zijn in België grote inspanningen nodig om het watersysteem robuust en duurzaam te maken.

In de periode 2010 tot 2016 daalde het watergebruik binnen de Vlaamse economie met ruim één miljard kubieke meter, in hoofdzaak als gevolg van een daling in het gebruik van koelwater. De belangrijkste waterverbruikers (exclusief koelwater) en dus meest waterafhankelijke sectoren zijn de chemie, de landbouw en op een gedeelde derde plaats de energiesector, de metaalindustrie, de sector van cokes en raffinaderijproducten en de voedingssector.

De totale waterkosten (voor levering en zuivering) voor de bedrijven bedroeg in 2016 761 miljoen euro. De sectoren die in absolute cijfers de grootste waterfactuur betalen zijn, in volgorde van belangrijkheid, de chemie, energie, voeding en cokes, goed voor 293 miljoen euro of 40% van de totale jaarlijkse gezamenlijke waterfactuur. De sectoren die de stijgende waterprijzen het sterkst voelen (dit zijn sectoren met een hoge waterkost op de bruto toegevoegde waarde en een lange bruto toegevoegde waarde op bedrijfsopbrengsten) zijn onder andere de sectoren voeding, dranken, cokes, chemie en papier.