Slimme kilometerheffing wijzigt mobiliteitsgedrag en leidt tot minder files

Een slimme kilometerheffing wijzigt wel degelijk het mobiliteitsgedrag van gebruikers, doet het fileleed afnemen en biedt de overheid de mogelijkheid om zijn mobiliteitsbeleid (bij) te sturen. Zo blijkt uit de resultaten van het proefproject “Intelligente Mobiliteit”, uitgevoerd door een consortium van bedrijven, waaronder IBM, NXP, Touring, Mobistar, Magicview, NSL en Transport and Mobility Leuven (TML).


Twee jaar terug presenteerde het consortium de “spits”technologie waarmee een nationale, regionale of lokale overheid zijn mobiliteitsbeleid kan sturen.

In september 2011 werd in samenwerking met de stad Leuven een praktijkproef  opgestart om de werkbaarheid van het systeem aan te tonen. In totaal werden 11.000 ritten uitgevoerd en bijna 100.000 km afgelegd.

Het pilootproject omvatte een gedragsexperiment, liep van september vorig jaar tot en met januari 2012 en bestond uit drie periodes.

De eerste twee maanden werd een nulmeting uitgevoerd, waarbij het normale mobiliteitsgedrag van de proefpersonen in kaart werd gebracht.

In de tweede fase werd de eigenlijke test uitgevoerd waarin de proefpersonen zich meer bewust werden van hun mobiliteitsgedrag. Ze reden rond en hun trajecten werden belast op basis van wegtype, tijdstip, afstand en milieukenmerken van het voertuig. Ze konden de fictieve facturatie van hun route volgen op hun persoonlijke On-Board Unit, of on-line een overzicht krijgen van hun afgelegde trajecten en de prijs die ze ervoor zouden betalen.

De laatste maand werd de kilometerheffing weer uitgeschakeld en werd er gekeken of de proefpersonen in hun oude mobiliteitsgewoontes terug vielen.

Tijdens de effectieve test werd er bij de proefpersonen een aantoonbare wijziging in hun mobiliteitsgedrag vastgesteld.

Ruim de helft verbeterde zich persoonlijk doordat ze goedkoper gingen rijden. Maar driekwart van hen herviel wel nadat de kilometerheffing werd uitgeschakeld.

Alle testgebruikers reden samen 5% minder in de piekperiode op lokale wegen, en in totaal zo’n 60% van de tijd tijdens de dalperiode.

Nu er (fictieve) kosten per afgelegde kilometer werden aangerekend, gingen de proefpersonen ook bewuster met hun mobiliteit om.

Er werd nagedacht voor alternatieve vormen van vervoer, zoals bijvoorbeeld fiets of openbaar vervoer.

Ook vertrok men voor of na de spits om de file, en bijgevolg een hogere kost, te vermijden.