Mobiliteitsbudget bestrijdt fileproblematiek

Ambitie: wagengebruik in woon/werk-verkeer met 10% terugdringen

De impact van het woon/werk-verkeer in de dagdagelijkse fileproblematiek, inzonderheid tijdens de ochtend- en avondspits, is verre van gering. In het Pact 2020 legde de Vlaamse overheid met de sociale partners en de middenveldspelers binnen Vlaanderen in Actie (Via) een aantal concrete doelstellingen neer rond onder meer duurzame mobiliteit. Naast Bedrijfsvervoerplannen, het Pendelfonds, het Shuttle-decreet, stadsdistributie-initiatieven zoals CityDepot, wil ook het Mobiliteitsbudget zijn steentje bijdragen tot het verminderen van de hedendaagse verkeerscongestie.

“Het Mobiliteitsbudget mikt heel specifiek op het woon/werk-verkeer. Momenteel gebeurt quasi 70% van de woon/werk-verplaatsingen met een (bedrijfs)wagen, 30% met de fiets of het openbaar vervoer. Binnen het ontwerp-Mobiliteitsplan is de ambitie het aandeel van de verplaatsingen met de wagen tegen 2030 tot 60% terug te dringen,” aldus Marleen Govaerts, adviseur en transitiemanager thema “Slimme Mobiliteit” bij de Vlaamse overheid (departement Mobiliteit en Openbare Werken).

Multimodaal Mobiliteitsbudget

Aan de basis van het concept Mobiliteitsbudget ligt een project van Voka - Kamer van Koophandel Halle-Vilvoorde, Bond Beter Leefmilieu (BBL) en Mobiel 21 V.Z.W., een centrum voor kennisontwikkeling, educatie en gedragsbeïnvloeding op het gebied van duurzame en veilige mobiliteit. Een werknemer kan zijn Mobiliteitsbudget spenderen aan een brede waaier van vervoersmogelijkheden.

“Beschouw het als een budgetenveloppe waarmee verschillende vervoerswijzen tijdens het woon/werk-traject kunnen worden gefinancierd (bedrijfswagen, trein-, bus- of metro-verplaatsing, fietshuur, …), waarbij de keuze van het verplaatsingsmiddel in functie van de bestemming wordt bepaald,” zo nog Govaerts.

Bedrijven kunnen een mobiliteitspakket samen stellen aan zowel de “in”- als de “uit”-kant. Van de “in”-kant maken uiteraard de bestaande mobiliteitsvergoedingen deel uit (bedrijfswagens, terugbetalingen, openbaar vervoer, fiets- en carpool-vergoedingen, …). Ook andere “benefits” kunnen er worden geselecteerd.

Aan de “uit”-kant dienen de mogelijke keuzemogelijkheden gespecifieerd waaraan het mobiliteitsbudget kan gespendeerd. Bij voorkeur wordt het pakket zo breed mogelijk gemaakt om zo flexibel mogelijk op de behoeften van de werknemers te kunnen inspelen. Bijgevolg is het geraadzaam om niet alleen “vaste voordelen” (zoals een bedrijfswagen of een abonnement openbaar vervoer) op te nemen in het keuzepallet, maar ook “variabele voordelen” (zoals bijvoorbeeld Cambio-wagens of Blue-bikes).

Leerzaam proefproject

In 2012 onderzochten en testten Voka - Kamer van Koophandel Halle-Vilvoorde, Bond Beter Leefmilieu en Mobiel 21 welke elementen een mobiliteitsbudget moet bevatten om succesvol te zijn. Vijf pilootbedrijven, met name Artoos (Kampenhout), Boss Paints (Waregem), KBC (Leuven), Kluwer (Mechelen) en Your Mover (Vilvoorde), voerden een mobiliteitsbudget in. SD Worx stond in voor de algemene ondersteuning en ontwikkelde daartoe een software-tool.

Het proefproject maakte duidelijk dat alles start met een grondige analyse, enerzijds van het mobiliteits- en bereikbaarheidsprofiel van de onderneming, anderzijds van het volledige bestaande pakket aan “compensation & benefits” binnen het bedrijf, ook niet mobiliteitsgerelateerde. Dat laatste zal belangrijk zijn voor het creëren van een “vijver” waaruit kan worden gevist om budget voor het mobiliteitsbudget vrij te maken.

Daarna moeten al die voordelen worden gevaloriseerd en moet worden vastgelegd hoe ze kunnen worden geflexibiliseerd om budget te creëren (de “in”-kant).

Daarnaast moet het keuzepakket worden vastgelegd waaraan het mobiliteitsbudget kan gespendeerd (de “uit”-kant). Een en ander blijft afhankelijk van de vervoersmogelijkheden binnen het bedrijf.

“Indien we er in slagen het ondersteunend sociaal en fiscaal-economisch kader op orde te krijgen, kan het Mobiliteitsbudget uitgroeien tot een niet onbelangrijke component binnen de verschillende maatregelen om de impact van het woon/werk-verkeer binnen een duurzaam mobiliteitskader terug te dringen,” besluit Marleen Govaerts.

VIM: vervolgtraject

Het Vlaams Instituut voor Mobiliteit (VIM) is alvast van start gegaan met een vervolgtraject. Het Instituut neemt de begeleiding op van 25 bedrijven bij hun overstap naar een “intelligent mobiliteitsbeleid”.

Binnen dit traject zal het VIM nagaan wat de belangrijkste operationele organisatorische knelpunten voor de bedrijven zijn. Daarnaast worden de functionaliteiten van de verschillende technische applicaties onderzocht, waarvan er drie worden ingezet tijdens een testfase met minimaal 250 werknemers.

De totale projectkost van het “I-mobiliteitsbudget”, dat tot midden 2016 loopt, bedraagt 438.102 euro.

Meer sectornieuws

Agenda