Nieuwe bepalingen sociaal statuut zelfstandigen goedgekeurd

De Commissie voor het Bedrijfsleven van de Kamer van Volksvertegenwoordigers heeft een wetsontwerp houdende diverse bepalingen inzake het sociaal statuut van zelfstandigen goedgekeurd. Het gaat meer bepaald om het vermoeden van onderwerping voor vennootschapsmandatarissen en de hervorming van de berekening van de sociale bijdragen.

Een persoon die in het buitenland verblijft en die binnen een Belgische vennootschap als mandataris wordt benoemd, werd in België tot op heden de facto beschouwd als zelfstandige, en dus ook ambtshalve onderworpen aan sociale bijdragen. En dit in tegenstelling tot een mandataris die in België verblijft en die kon aantonen dat het niet om een beroepsbezigheid ging, met name in het geval van een mandaat volledig ten kostenloze titel.

In overeenstemming met een arrest van het Europese Hof van Justitie, zal de wet voortaan voorzien dat elke vennootschapsmandataris verondersteld zal worden, tenzij bewijs van het tegengestelde wordt aangereikt, een beroepsbezigheid als zelfstandige uit te oefenen. Op die manier wordt een einde gemaakt aan de discriminatie die nog bestond tussen inwoners en niet-inwoners.

Voorts worden twee verbeteringen aangebracht aan de nieuwe berekeningswijze van de bijdragen die in werking treedt op 1 januari 2015. Enerzijds zullen de gepensioneerden die blijven werken binnen de wettelijke inkomensgrens, verminderde voorlopige sociale bijdragen mogen betalen, berekend op basis van het bedrag van deze grens.

Anderzijds, wat betreft de uitzonderingsmaatregel die de niet-regularisatie voorziet van de laatste bijdragen op het moment van de ingang van het pensioen, wordt de wet aangepast om een gelijke behandeling van alle zelfstandigen te waarborgen, ongeacht het moment waarop zij het genot van deze maatregel aanvragen: de neutralisatie zal betrekking hebben op de bijdragen die nog niet geregulariseerd zijn op de ingangsdatum van het pensioen.