Nieuwe KMO-portefeuille en KMO-groeisubsidie vanaf 1 april

De Vlaamse regering heeft de vereenvoudiging van de KMO-steun definitief goedgekeurd. Vanaf 1 april 2016 kunnen KMO’s een beroep doen op twee complementaire instrumenten. De KMO-portefeuille wordt een eenvoudig en laagdrempelig instrument voor brede professionalisering, terwijl groeibedrijven een nieuw transparant ondersteuningsinstrument krijgen.

De Vlaamse overheid heeft met de KMO-portefeuille een succesvol en gewaardeerd instrument in huis om ondernemingen te ondersteunen in hun zoektocht naar advies en coaching. Maar het instrument werd op den duur slachtoffer van het eigen succes: door de jaren heen werden steeds meer onderdeeltjes onder de KMO-portefeuille ondergebracht, waardoor het instrument zijn grootste sterkte - laagdrempeligheid en transparantie - aan het verliezen was.

Steun voor bedrijven kan grosso modo in twee categorieën worden opgedeeld. Je hebt bedrijven die binnen hun onderneming aan kwaliteitsverbetering willen werken. Dat kan gaan van HR-advies over marktonderzoek tot opleidingen voor het personeel. Daarnaast heb je bedrijven die een volgende grote stap in hun ontwikkeling willen zetten door innovatie, internationalisatie of transformatie. Beide hebben een andere doelstelling en vragen een andere aanpak door de overheid, zo heet het.

De vereenvoudigde KMO-portefeuille wordt een generiek instrument voor alle KMO’s om opleidingen te volgen en advies in te winnen. In tegenstelling tot vroeger is de steun daarvoor niet meer inhoudelijk opgedeeld. De KMO’s beslissen met andere woorden zelf wat ze in het bedrijf nodig hebben om de kwaliteit van de werking op te krikken. Het steunpercentage voor opleiding en advies voor kleine ondernemingen is 40%, met een steunplafond van 10.000 euro per jaar. Voor middelgrote ondernemingen wordt het steunpercentage 30% met een maximum van 15.000 euro.

Daarnaast komt er een KMO-groeisubsidie. Die richt zich op bedrijven die een stapje verder willen gaan en willen groeien. Dat kan zijn door te innoveren, de internationale activiteiten uit te breiden of door het bedrijf te transformeren met nieuwe activiteiten. Bedrijven kunnen dat doen door extern kennis aan te kopen of door kennis intern te verankeren door een aanwerving. Omdat het risico groter is, steunt de overheid daar 50% van de kost, met een maximum van 25.000 euro voor extern advies en 25.000 euro voor een aanwerving (1 jaar). Ook deze procedure blijft laagdrempelig, maar omdat het risico en het steunpercentage hoger zijn, is er wel een evaluatiemoment door het agentschap. 

Meer sectornieuws

Agenda