E-shoppers liggen niet wakker van duurzaamheid

De consument blijft vasthouden aan thuislevering bij on-line bestellingen. Zo blijkt uit een grootschalige enquête in opdracht van het Vlaams Instituut voor de Logistiek (VIL). Het VIL zocht binnen het project E-green naar manieren om de Vlaamse e-commerce op een duurzame(re) manier te optimaliseren. Meer inzetten op afhaalpunten kwam naar voor als een efficiëntie manier om zowel de kost van de “last mile” als de CO2-afdruk ervan drastisch te verminderen. Wat de consument wil, staat bijgevolg haaks op “waar we naartoe moeten”.

De consument kiest resoluut voor comfort. Hij wenst zijn on-line bestelling thuis te ontvangen, liefst zonder meerprijs en zonder echt wakker te liggen van de milieu-impact van zijn bestelling. De termijn waarop consumenten hun pakje ontvangen is voor hen veel minder van belang. Dat blijkt uit de consumentenquête die het VIL bij zevenhonderd respondenten binnen het E-Green project liet uitvoeren. Slechts één op de drie e-shoppers geeft aan zijn of haar pakje op te halen in een winkel of afhaalpunt. Er is geen bereidheid extra te betalen voor een aantoonbaar duurzamere levering; Enkel voor de keuze van leverplaats is er een beperkte betaalbereidheid.

Dat de consument weinig belang hecht aan leveringstermijn, mag enigszins verwonderen. Web-winkels vechten om marktaandeel met als belangrijkste onderscheidend criterium de leversnelheid en de prijs ervan. Uit de enquête blijkt echter dat ruim 80% van de on-line bestellingen voor de consument niet dringend zijn. Het VIL onderzocht dan ook wat het effect van een later “uiterste moment van levering” op kosten en milieu is. Dat effect blijkt anders dan verwacht erg gering. Zelfs bij vijf dagen extra levertijd bedraagt de besparing slechts 9%.

Dat kan niet van de plaats van levering worden gezegd. De consument verkiest met voorsprong levering aan huis of op een zelf gespecifieerd adres. Simulaties van kostprijs en CO2-uitstoot tonen aan dat precies die gespecialiseerde adresleveringen leiden tot hoge kosten en milieubelasting. Indien 75% van de leveringen via afhaalpunten zou gebeuren in plaats van via thuislevering, zou de kost- en milieu-afdruk van de “last mile” met 60 tot 80% dalen.

De populaire thuislevering blijkt zowel financieel als wat milieu betreft op langere termijn niet houdbaar. Door de hoge prijsgevoeligheid van de consument kan slimme prijszetting de klant in de gewenste richting sturen. Zo experimenteren de eerste webshops met gratis levering in een afhaalpunt of winkel, terwijl een kleine bijdrage voor levering aan huis moet worden betaald.

Bundelen van leveringen is weinig zinvol in stedelijk gebied waar de meeste pakjesbezorgers beschikken over voldoende volumes om hun routes op een efficiëntie manier te organiseren. In meer afgelegen gebieden worden pakjesbezorgers vaak wel geconfronteerd met lage densiteit waardoor de kost en milieulast per pakje dubbel tot vier maal zo hoog ligt. Hier kan samenwerking tussen koerierdiensten wel winst opleveren.

De meeste koerierbedrijven instrueren chauffeurs hun motor uit te schakelen tijdens een levering maar in de praktijk gebeurt dat vaak niet. In stedelijk gebied met frequente stops leidt stationair draaien tijdens de levering tot meer dan een verdubbeling van de CO2-uitstoot per pakje. Nog beter is uiteraard de inzet van ecologische voertuigen. Veel van de 430.000 bestelwagens die op de Vlaamse wegen rijden zijn oud, vaak slecht onderhouden en stoten bijgevolg veel te veel roet en andere schadelijke stoffen uit. Binnen de stad zijn elektrisch ondersteunde bakfietsen en elektrische bestelwagens een alternatief. Voor langere routes kiezen milieubewuste pakketbezorgers best voor CNG-aangedreven voertuigen die aan ongeveer gelijke kostprijs 12% minder CO2 en ruim 50% minder fijn stof en NOx uitstoten. Wie toch blijft diesel rijden, zet minimaal Euro 5-voertuigen in.

Binnen het project E-green ging het VIL op zoek naar manieren om de Vlaamse e-commerce op een duurzame manier te optimaliseren. Een duurzamere e-logistiek is niet alleen een bedrijfseconomische maar ook een maatschappelijke noodzaak. Dertien bedrijven, een mix van kleine logistieke dienstverleners, verladers en web shops werkten aan het project mee: ASX-IBECO, Bubble Post, Colruyt, DHL Parcel, Dockx Logistics, Groep Heylen, Intervest, Kuehne + Nagel, Magellan Logistics, PostNL, Recupel, Telenet en Unigro.