Pensioen opbouwen voorbij volledige loopbaan wordt mogelijk

“Langer werken” is al langer een thema in de arbeidsmarkt. Het ging al over de pensioensgerechtigde leeftijd, door de zelfstandige geformuleerd als “wanneer mag ik met pensioen?”. Het ging al over werken na het pensioen, door de werkwillig gepensioneerde geformuleerd als “hoeveel mag ik bijverdienen bovenop mijn pensioen?”. Met de maatregel die de federale regering goedkeurde, gaat het over niets minder dan het verder opbouwen van het pensioen, zelfs ook na een volledige loopbaan. In 2016 hadden één op driehonderd zelfstandigen hier gebruik kunnen van maken. Dat blijkt uit een analyse van Sociaal Verzekeringsfonds Acerta op basis van cijfers van het RSVZ (Rijkinstituut voor de Sociale Verzekeringen van de Zelfstandigen).

De maatregel die op 23 november j.l door het parlement werd goedgekeurd, beloont het uitstellen van het pensioen zelf. 45 jaar loopbaan hoeft niet meer het absolute einde van die loopbaan te betekenen. Naar de letter was dat eigenlijk al zo, mensen worden niet bij wet verplicht om met pensioen te gaan. Alleen, nog doorwerken werd de facto afgeraden: eenmaal een volledige loopbaan vervuld, was het hoe dan ook gedaan met het opbouwen van de pensioensrechten. Het wetsvoorstel maakt nu ook daarmee komaf.

Volgens cijfers van het RSVZ zijn 800 zelfstandigen in 2016 met pensioen gegaan toen ze 45 jaren op de teller hadden staan. 500 anderen hadden zelfs meer dan 45 jaren gewerkt. Had de maatregel in 2016 al bestaan, zouden deze 500 zelfstandigen dus een extra pensioen hebben gekregen voor de jaren boven de 45. Voor de 800 anderen zou er een stimulans geweest zijn om nog een tijdje door te werken.

Uit onderzoek van Acerta van gegevens uit de periode 2008-2014 van 15.873 zelfstandigen die tussen de leeftijd van 60 en 70 jaar met pensioen gingen, was onder andere al gebleken dat van de gepensioneerde zelfstandigen meer dan 50% na het pensioen doorwerkt: van de vrouwen het eerste jaar 51,25%, van de mannen 50,27%.