Voortaan “tendering” voor windmolenpark op Noordzee

De Kamercommissie heeft een nieuw tendering-mechanisme voor windmolens op de Noordzee unaniem aangenomen. Door deze “tendering” van windmolenprojecten moet tegen 2026 een extra windmolenpark komen in de Noordzee met een capaciteit van 1,75 GigaWatt. Doel is om de windmolens op de meest marktconforme manier te bouwen, de subsidies te beperken en de laagste prijs te garanderen voor de consument.

Tegen 2026 komt er in de Noordzee een extra windmolenpark van iets meer dan 280 vierkante kilometer. De windmolens moeten in totaal 4 GW energie opwekken, goed voor 20% van de Belgische stroombehoefte. Voor de bouw van de allerlaatste windmolenparken werd al in een veel lagere steun dan oorspronkelijk voorzien. Daarmee werd vijf miljard euro aan subsidies bespaard. Het aangenomen wetsvoorstel gaat nog een stap verder. Zo wordt er gekozen voor een systeem van “tendering”, met grotere kavels, waarbij degene die de beste prijs biedt, de concessie krijgt. Deze aanpak moet er voor zorgen dat de subsidies nog verder zullen dalen en zelfs tot nul kunnen teruggebracht worden, zoals dat in Nederland en Duitsland al het geval is.

Het tendering-mechanisme geldt zowel voor nieuwe offshore-windenergieprojecten, als voor kavels die opnieuw op de markt komen. Bovendien is er ook plaats voor andere hernieuwbare energiebronnen. Op termijn zullen de offshore-parken naast windenergie ook getijden- en golfslagenergie kunnen produceren.