Investeren met uw vennootschap: 5 redenen om dat nog vóór 2020 te doen

Voor vennootschappen die hun boekjaar 2019 fiscaal willen optimaliseren, luidt de boodschap: investeer, en dat vóór 1 januari 2020. Tot dan kunt u namelijk nog profiteren van enkele onmiskenbare fiscale voordelen. Er zijn vijf manieren om aan fiscale optimalisatie te doen (lees: uw belastbare winst verlagen, nvdr.).

1. De investeringsaftrek van 20%.

Kleine vennootschappen die nog in 2019 investeren in materiële (gebouwen, machines, …) of immateriële vaste activa (octrooien, patenten, …) genieten een investeringsaftrek van maar liefst 20%. Dat houdt in dat u - naast de afschrijvingen - ook 20% van de investeringssom mag aftrekken van uw belastbare winst. Is uw winst ontoereikend, dan mag u het niet-benutte deel van de aftrek naar het volgende boekjaar overdragen.

Vanaf 1 januari 2020 wordt de investeringsaftrek naar slechts 8% teruggebracht. De specifieke investeringsaftrek, voor meer digitale en energiebesparende investeringen, blijft onveranderd.

2. Degressieve afschrijvingen.

In 2019 mag u nog degressief afschrijven: afschrijven tegen het dubbele afschrijvingspercentage van de “lineaire afschrijving”. Het degressieve afschrijvingspercentage is wel altijd beperkt tot 40% van de investeringssom. Hoe meer u afschrijft, hoe lager uw belastbare winst en dus ook uw vennootschapsbelasting. Voor investeringen vanaf 1 januari 2020 worden lineaire afschrijvingen de norm.

3. Afschrijven voor één volledig jaar.

Als kleine vennootschap hebt u momenteel nog de keuze: of u schrijft een investering in het eerste jaar “pro rata temporis” af, of u schrijft ze meteen voor één volledig jaar af (ook al vond de aankoop bijvoorbeeld plaats op 31 december 2019). Voor investeringen vanaf 1 januari 2020 valt die keuze weg en bent u verplicht om - net zoals grote vennootschappen - investeringen “pro rata” af te schrijven.

4. Belastingbesparing van 4,58%.

De winst van uw vennootschap wordt vanaf aanslagjaar 2021 (verbonden aan een boekjaar dat ten vroegste start op 1 januari 2020) belast aan 25%, in plaats van het huidige 29,58%. De standaard vennootschapsbelasting daalt zo met 4,58%. Tegelijk betekent dit dat afschrijvingen nu, in het boekjaar 2019, interessanter zijn dan in het boekjaar 2020. Het verlaagde vennootschapsbelastingstarief daalt in boekjaar 2020 slechts miniem: van 20,40% naar 20%.

5. Bijkomende aankoopkosten.

Bij een investering komen vaak extra aankoopkosten kijken. Denk aan registratiekosten, notariskosten, … In 2019 mag uw vennootschap deze kosten

- als één kostenpost van uw totale kosten aftrekken,

- afschrijven volgens hetzelfde afschrijvingsritme van uw investering,

- afschrijven volgens een afschrijvingsritme dat u kiest.

Vanaf 1 januari 2020 is die laatste optie niet meer mogelijk.

Wat is “pro rata” afschrijven?

Dat betekent dat uw afschrijvingsbedrag bepaald wordt door de resterende duur van uw boekjaar. Een voorbeeld: uw vennootschap voert een boekhouding per kalenderjaar en schaft op 15 december 2020 een machine aan van 10.000 euro, die u over 5 jaar afschrijft. In 2020 mag u géén 2.000 euro (10.000/5) meer afschrijven, wel slechts 87 euro (16/365 x 2.000). Uw boekjaar 2020 telt immers nog maar 16 dagen.

(Bovenstaande bijdrage kwam tot stand in samenwerking met SBB Accountants & Adviseurs)

Meer info: 016/24.64.85 of www.sbb.be.