Valipac wordt Nielsen of GfK van afvalwereld

Nieuwe business intelligence tool brengt potentiële afvalstromen in kaart

De nieuwe erkenning (2017-2022) legt Valipac, de instantie verantwoordelijk voor het stimuleren en coördineren van de recyclage van bedrijfsmatige verpakkingen, een verdere registratie van de afvalstromen op, dit alles met als ultieme doel circulariteit in onze economie in te bouwen. Vorig jaar publiceerde de organisatie voor het eerst statistieken over vijftien afvalstromen. Thans stelt Valipac een baanbrekende business intelligence tool voor die het potentieel voor selectieve inzameling van afvalstromen voor de ophalers gedetailleerd in kaart brengt. De organisatie werkte hiervoor nauw samen met Universiteit Hasselt (Centrum Statistiek) dat de analyses deed en Deloitte dat de business intelligence tool ontwikkelde.

De nieuwe opdracht voor Valipac, met name het in kaart brengen van de afvalstromen in bedrijfsomgeving (niet langer enkel het verpakkingsafval, nvdr.) bleek geen sinecure. De nieuwe erkenning legde een registratieplicht voor zes afvalstromen op (bedrijfsrestafval, papier/karton, hout, metaal, kunststoffen en glas), maar die opdeling bleek niet verregaand genoeg om voldoende waarde voor de belanghebbenden te creëren. Valipac verfijnde de data-inzameling tot vijftien afvalstromen. In geval van hout bijvoorbeeld gaat het om A-hout (onbehandeld hout), B-hout (behandeld hout) dan wel C-hout (gevaarlijk hout). De afvalstroom van kunststoffen bestaat uit zachte folie, harde plastics en EPS. Bij glas gaat het om vlakglas, holglas en gevaarlijk glas. Kortom heel verschillende markten met een eigen dynamiek en specificiteit. “In overleg met de deelnemende ophalers besloten we derhalve de zes hoofdstromen in vijftien afvaldeelstromen op te delen,” licht managing director Francis Huysman toe.

In de praktijk bleken de ophalers ook verschillende definities voor hun afvalstromen te definiëren. Voor de ene omvat restafval bijvoorbeeld ook grof vuil en veegafval, voor de andere niet. “In tweede instantie hebben we daarom werk gemaakt van een eenduidige definitie van de afvalstromen, zowel voor de hoofd- als voor de deelstromen, met een uniforme rapportering bij de ophalers tot gevolg” wordt daaraan toegevoegd. Dat maakt dat de data over de ophalers heen en tussen de verschillende regio’s vergelijkbaar zijn.

Ook de initiële opdracht om de afvalstroominformatie per ondernemingsnummer op te vragen, bleek niet de juiste zet. Zo bleek het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, omwille van de aanwezigheid van verschillende multinationals, plots het meest afval te produceren terwijl hun productie-eenheden zich in Vlaanderen of Wallonië bevinden. “We hebben daarom de afvalproducent geïdentificeerd door de combinatie van ondernemingsnummer en postcode. Voor de inzameling van de data kan Valipac terugvallen op de vertrouwensrelatie die via de medewerkers met de afhalers op het terrein werd opgebouwd en de goede kennis van hun informaticasystemen”, zo nog de managing director.

Big Data

“We hebben onze databank gelinkt met andere databanken en op deze manier ook andere parameters toegevoegd, zoals sector, omzet, aantal werknemers, … Die unieke identificatie biedt ons een vrij nauwkeurig zicht op de afvalproductie per gewest, regio, sector, grootte van het bedrijf, …,” aldus onze gesprekspartner. Een en ander leverde een massa aan data op die best door specialisten naar behoren kunnen worden verwerkt. Vandaar dat Valipac deze zomer een samenwerking met Universiteit Hasselt, Centrum Statistiek opzette. Dat verwerkt de data afkomstig van de verschillende afvalproducenten (190.000 lijnen waar bedrijfsafval wordt gegenereerd) om ze te relateren aan de vijftien deelstromen en twaalf parameters die de betrokken bedrijven identificeren.

Valipac investeerde fors in de realisatie van een veilig IT-platform, de opbouw van een data warehouse en een rapporterings-tool naar de deelnemende ophalers toe.

Francis Huysman: “Dankzij de multifactor-analyse kunnen we bepalen welke factoren een bedrijf aanzetten om al dan niet bepaalde stromen selectief in te zamelen. Is de ligging van het bedrijf in kwestie belangrijk? Speelt de sector een doorslaggevende rol? Wat is nog het potentieel in een bepaalde regio voor selectieve inzameling voor deze of gene afvalstroom? Wat zijn precies de factoren die beslissen of een bedrijf zich al dan niet aan selectieve inzameling begeeft? De achterliggende bedoeling is steeds weer bijkomende inzichten te verwerven met het oog op het verder “boosten” van selectieve afvalinzameling”.

Business generation tool voor ophalers

Op basis van inzichten verworven door Universiteit Hasselt heeft Deloitte een software ontwikkeld voor de ophalers die deze data hebben aangeleverd. In ruil voor hun bijdrage tot de data-inzameling krijgen de deelnemende ophalers gratis toegang tot de nieuwe Valipac-tool. De data maken hen immers duidelijk bij wie van hun bestaande klanten er nog potentieel is voor meer selectieve inzameling en met welke graad van waarschijnlijkheid een theoretisch geraamd afvalvolume bij een bepaalde klant aanwezig is. Ophalers kunnen die klanten dan proactief benaderen, adviseren en ondersteunen in hun afvalinzamel- en recyclageverplichtingen. Gelijktijdig kunnen ze hun eigen prestaties benchmarken ten opzichte van hun collega’s uit de regio. Valipac zelf krijgt meer inzichten bij welke bedrijven/sectoren bewustmakingscampagnes het meest kans op succes maken.

“De aldus ingezamelde informatie is een goudmijn. Het is aan ons om daarmee op een gerichte manier om te springen. De databank is opgebouwd op basis van de klantenlijsten en het afvalstoffenregister van de individuele ophalers - dus voor de ophalers confidentiële informatie. Uiteraard is het geen open source-informatie, maar het ligt toch in onze bedoeling om die informatie maximaal te ontsluiten voor partners en andere stakeholders (ophalers, federaties, overheid, …), rekening houdend met het confidentiële karakter van deze data”, verduidelijkt Huysman, waarmee wordt aangegeven dat overheidsinstanties geen individuele informatie, maar alleen geaggregeerde info krijgen toegespeeld.

De nieuwe business intelligence tool verstrekt informatie over de vijftien afvalstromen, met met specifieke focus op de inzameling van plastic folie. Die afvalstroom dient tegen 2030 een recyclagepercentage van 65% te halen (53% momenteel).

Bijdragen tot verdere professionalisering ophalers

De sector van de afvalinzameling is volop in verandering. De spelers schoeien hun activiteiten op een superprofessionele leest. Tot op heden ontbeerde de afvalsector een marktinformatiespecialist à la Nielsen of GfK. “Valipac wordt de Nielsen of GfK van de afvalwereld. Met dat verschil dat ons business-model geen winst nastreeft, maar wel mikt op het terugkoppelen van inzichten om meer selectieve inzameling te realiseren en derhalve toegevoegde waarde voor onze partners te creëren,” vat onze gesprekspartner samen.

De focus op informatieterugkoppeling ligt momenteel op de ophalers omdat zij de ruwe data aanleveren. In een volgende stap zal Valipac meer informatie terugkoppelen naar sectorfederaties zodat ze aan hun leden inzicht kunnen verschaffen in hoe selectief bedrijfsafval in te zamelen en te sorteren. Ook naar de overheid wordt informatie teruggekoppeld, weliswaar met aandacht voor de granulometrie (lees: niet terugkoppelen per individuele ophaler of bedrijf, wel per sector of per regio, nvdr.). Aan partner Fost Plus wordt inmiddels geglobaliseerde informatie doorgespeeld over de inzameling van PMD bij bedrijven. Dat kan ook voor terugnamesystemen die op andere stromen bedrijfsmatig afval focussen, zoals BEBAT of Recupel.