Drie gerenommeerde kennis- en onderwijsinstellingen realiseren Corrosielab

Interreg Vlaanderen-Nederland keurde het project “Praktijklab Corrosie & Isolatie” goed. Het project richt zich op het combineren van bestaande én nieuw te ontwikkelen infrastructuur bij drie gerenommeerde kennis- en onderwijsinstellingen in de regio. De infrastructuur is gericht op industrieel onderzoek rond het thema corrosie. Door het bundelen van krachten en complementaire onderzoeksfaciliteiten ontstaat een uniek, compleet en efficiënt ingericht Corrosielab.

De grensregio bevat één van de grootste clusters aan procesindustrie ter wereld. Veel installaties zijn met 40 à 50 jaar echter relatief oud zodat corrossiebestrijding een hoge prioriteit heeft. Om de concurrentiepositie van de procesindustrie te behouden, is het cruciaal dat installaties optimaal, storingsvrij, veilig en met een minimale milieu-impact kunnen blijven functioneren.

Om innovaties te kunnen testen en ontwikkelen die gericht zijn op preventie, detectie en reparatie van corrosie, is er behoefte aan fysieke onderzoeksinfrastructuur. Drie kennis- en onderwijsinstellingen staan in voor de realisatie hiervan. Sirris zet bestaande infrastructuur in om onderzoek uit te voeren op een academische basis en ontwikkelt samen met projectpartners nieuwe infrastructuur voor veldtesten. De Hogere Zeevaartschool realiseert een onderzoeksponton om onderzoek aan “natte” watergebonden infrastructuur te kunnen uitvoeren. Als derde kennispartner begeleidt Scalda de praktische en uitvoerende kant van het onderzoek. Daarnaast wordt een basiscurriculum voor Corrosie- en Isolatietechnici ontwikkeld op hoger en middelbaar niveau. Na afloop van het project zal de infrastructuur integraal onderdeel blijven uitmaken van de deelnemende onderwijs- en kennisinstellingen en zal het opgebouwde netwerk van bedrijven samen stappen blijven zetten om de corrosieproblematiek het hoofd te bieden.

Aan het Corrosielab kleeft een totaalbudget van 1.367.374,49 euro. Daarvan levert Interreg een bijdrage van 669.611,05 euro (48,97%). Projectverantwoordelijke is Kennis- en Innovatiecentrum Maintenance Procesindustrie (Ki<|MPI).