Port of Antwerp en UAntwerpen sporen olievlekken met drones op

Port of Antwerp en UAntwerpen slaan de handen in elkaar om met behulp van drones olievlekken in de Antwerpse haven op te sporen. Ook kleinere olievlekken zullen worden gedetecteerd en vervolgens aangepakt.

Olievervuiling is een vaak voorkomend probleem in havens. Een lek, een ongeval of een illegale lozing liggen doorgaans aan de basis van de vervuiling. Het opruimen van het goedje kost de havenbeheerders behoorlijk wat geld. Port of Antwerp betaalt jaarlijks meer dan één miljoen euro om de oliesmurrie te laten opruimen. Slechts iets meer dan de helft van die factuur kan de haven bij de vervuilers terugvorderen.

Op vandaag worden voornamelijk zichtbare olievlekken die overdag worden gemeld, aangepakt. Dankzij de samenwerking met UAntwerpen komt daar verandering in. Door gebruik te maken van warmtebeeldcamera’s kan men olie in het water dag en nacht opsporen. Drones brengen de vervuiling in kaart, niemand hoeft ter plaatse te gaan. In de Antwerpse haven werden tests uitgevoerd met drie verschillende olieproducten, die vandaag in de scheepvaartindustrie effectief worden gebruikt. Brabo Group stond tijdens de testfase in voor het opruimen van de vastgestelde vervuiling, Haviq (Pulle, Group Maes) nam de drone-vluchten voor zijn rekening.

Het proefproject verliep erg succesvol. Op enkele uren tijd werd 89 procent van de gelekte olie dankzij de technologie gedetecteerd. Ook kleine olievlekken ontsnapten niet aan het alziende oog van de drones.

Port of Antwerp is intussen al bezig met de concrete uitwerking van een opvolgingsproject. De drones zullen met camera’s worden toegerust en in de haven actief naar olievervuiling op zoek gaan. De technologie wordt thans doorontwikkeld en getest. Bedoeling is om in 2021 volledig operationeel te zijn.

Meer sectornieuws

Agenda