De Backer wil meer en goedkopere windmolens in Noordzee

Staatssecretaris voor de Noordzee Philippe De Backer wil de zone voor de extra windmolenparken in het nieuw Marien Ruimtelijk Plan met nog een kwart vergroten. Daardoor kunnen de windmolens verder uit elkaar staan, vangen ze minder wind af van elkaar en kan de kostprijs verder dalen.

Voor de kust van Zeebrugge is er nu al een windmolenzone van 225 km². Daar staan voor 1,2 GW windmolens die stroom opwekken voor honderdduizenden gezinnen. België staat daarmee wereldwijd in de Top vijf van de landen die het meeste hernieuwbare energie opwekken via offshore-energie. Tegen 2020 zullen deze windmolenparken in totaal 2,3 GW hernieuwbare energie opwekken. Staatssecretaris De Backer had in het nieuw Marien Ruimtelijk Plan voorgesteld om de capaciteit uit te breiden met een extra windmolenzone van 221 km², maar nu ijvert De Backer voor nog eens 60 km² extra. Er was immers ruimte voorbehouden voor een visserijmaatregelzone, maar dat plan botste op een net van Europa, waardoor die zone ook kan gebruikt worden voor windmolens.

De nieuwe zones komen westelijker. Ze reiken tot aan de Franse grens, bevinden zich verder weg in zee en zijn niet zichtbaar van aan de kust. De Backer werkt ook aan een nieuw financieringssysteem waarbij de molens gebouwd zullen worden via een slimme openbare aanbesteding. Hij is er van overtuigd dat de nieuwe windmolenparken op termijn gebouwd zullen worden zonder enige subsidie.